Screenen voor colorectale kanker

[et_pb_section fb_built="1" _builder_version="3.19.18"][et_pb_row _builder_version="3.19.18"][et_pb_column type="4_4" _builder_version="3.19.18"][et_pb_text _builder_version="3.21"]

Screenen voor colorectale kanker via de momenteel beschikbare faecestests en endoscopie zou het risico op sterfte door colorectale kanker verminderen. Dat suggereert een review van het International Agency for Research on Cancer onder leiding van Béatrice Lauby-Secretan, verschenen in the New England Journal of Medicine.

Colorectale kanker, de derde frequentste kanker bij mannen en de tweede bij vrouwen, vertegenwoordigt zowat 10% van de totale jaarlijkse kankerincidentie. De incidentiecurve van colorectale kanker toont een sterk positief verband met een toenemende graad van economische ontwikkeling. De vijfjaarsoverleving neemt af met een dalend inkomen, met percentages tot 60% in hoge-inkomenslanden tot slechts 30% of minder in landen met een lager inkomen. Tot de risicofactoren van colorectale kanker behoren consumptie van verwerkt vlees, van alcoholische dranken, roken en overmatig lichaamsvet. Bovendien lopen bepaalde subgroepen van de bevolking een hoger risico, door genetische voorbeschiktheid, familiale of persoonlijke voorgeschiedenis van colorectale neoplasie of bepaalde aandoeningen (waaronder ontstekingsziekten van de darm) die met colorectale kanker in verband worden gebracht. Een classificatie van colorectale kanker kan gebeuren op basis van de locatie of van histologische of moleculaire kenmerken van de tumor.

Gevorderde adenomen (> 10mm diameter in het bijzonder) zijn de bekendste precursorletsels van colorectale kanker. Screening gebeurt om de kankersterfte te beperken door vroegdetectie en ter preventie van complicaties eigen aan de kankerdiagnose in een later stadium. Colorectale kankerscreening is toegankelijk in vele landen met een middelmatig tot hoog inkomen. De participatie aan een dergelijke screening kan sterk verschillen van land tot land of van setting tot setting maar is gewoonlijk minder dan 40%. Obstakels voor deelname aan deze screeningprogramma’s kunnen te maken hebben met het kostenplaatje of met de toegankelijkheid tot eerstelijnszorg, maar ook met taal, culturele achtergronden of gebrek aan bewustzijn van het belang van deze screening.

Er worden verschillende screeningsmethodes gebruikt, gaande van stoelgangtests tot endoscopische technieken waarbij de darm direct wordt onderzocht. Ook werd CT-colonografie ontwikkeld als een minder invasieve beeldvormingstechniek voor screening van colorectale kanker. Nieuwere technieken die nog niet algemeen worden toegepast, omvatten onder meer de analyse van biomerkers in bloed, stoelgang of in uitgeademde lucht.
Lauby-Secretan en collega’s reviewden de gepubliceerde evidentie uit onder meer gerandomiseerde, gecontroleerde studies en observationele studies. Al deze studies evalueerden stoelgang-
gebaseerde, endoscopische en CT-colonografie-gebaseerde screeningmethodes, met aandacht voor preventieve effecten, neveneffecten en de balans tussen voor- en nadelen. Dat gebeurde telkens in een populatie van mannen en vrouwen met een gemiddeld risico.

Volgens de auteurs is er op basis van hun analyse voldoende evidentie om aan te nemen dat screenen voor colorectale kanker via de huidig beschikbare faecestests en endoscopie van de darm (sigmoïdoscopie en colonoscopie) het risico op overlijden door colorectale kanker vermindert. En dat de voordelen opwegen tegen de risico’s voor elk van beide technieken. Er is tot nog toe onvoldoende evidentie dat één van de technieken doeltreffender zou zijn dan een andere.

Referenties

[/et_pb_text][/et_pb_column][/et_pb_row][/et_pb_section]